Wat is Zomerparkfeest? Contact Pers Nederlands English Deutsch

Rom blogt

  • 20-10-2013  -

    Het gras in het Julianapark ligt er mooi bij. Fris groen en al aardig dicht vernet. Dat gaat niet vanzelf! Allereerst omdat we een prachtige najaar zomer hebben gehad. Als de temperatuur boven de twaalf graden Celsius is dan groeit het gras echt. Verticaal en horizontaal. Zeker met een vochtige lucht en af en toe een mals buitje. Dan gaat het hard. Maar zeker ook door de expertise van BTL. Marktleider op het gebied van omgevingsverzorging in Nederland. Groen is het kenmerk van BTL. Zij zijn meteen na het festivalseizoen aan de slag gegaan. Zeker ook nadat er een allerlaatste ploeg over het park heeft gelopen om alle kleine frutseltjes, dopjes en tie raps, op te ruimen. BTL heeft het gehele park geëgaliseerd, geëgd en gezaaid. Ook de voorzichtigheid van Lekker Venlo, Stereo Sunday en het Zomerparkfeest hebben ervoor gezorgd dat het er nu weer frisgroen uitziet. Op strategische plekken zijn er rijplaten neergelegd of is het grasveld gewoon afgezet als het kan. Ook als het geplensd heeft, even een uurtje wachten voordat de heftrucks weer gaan rijden, sjouwen en tillen. Dat overkwam ons op de opbouwzaterdag. Een gigantische bui. Wij lekker in de techniek container met vijfentwintig bouwers. Gezellig. Dat was toen. Sommige loofbomen in het park zijn nu al aan de herfst bezig. Er zijn er bij die nog heel groen zijn, maar de eerste bomen, zoals de eikenboom die wordt al roder en roder, de esdoorn wordt geler en geler, net zoals de linde. Ze verliezen hun eerste bladeren. De oranjebruine blaadjes liggen in hoopjes rondom de stam. Een mooi kleurrijk contrast met het groene gras. Dat gras ligt er al helemaal klaar voor. Klaar voor het volgende festivalseizoen. Maar eerst nog de wintereditie op zaterdagavond 25 januari 2014. Hou het in de gaten! Eerst nog de herfst en dan het begin van de winter. Het lijkt nog zo ver weg …


    Het Julianapark vanuit backstage achter het hoofdpodium met de ietwat verkleurde loofbomen

  • 15-10-2013  -

    De vorige keer ging het over diversiteit op het zomerparkfeest. Veelzijdigheid. Qua bezoekers, programma en podia. Op de valreep ook over de diversiteit van de catering op het zomerparkfeest. Zeker dit jaar, maar eigenlijk al alle jaren. Vis, wafels, salades, vleeskroketjes, sushi’s, sateetjes, ijsjes, broodjes, loempiaatjes, beenham, frietjes. En nog heel veel meer. Aangevuld dit kampeerjaar met een heuse en mooi bewerkte barbecue. Als metafoor voor de camping. Maar niet alleen is er diversiteit in eten. Ook in drinken. Natuurlijk de pilsjes, maar ook cola, cola light, citroen bronwater en bronwater met bruis en zonder bruis. De bronwaters gingen overweldigend dit jaar. Vanwege het dorstige warme zwoele zomerweer. Dan ook de rode en witte wijn en rosé bier. Maar zeker ook de Jillz. De nieuwe ‘sparkling cider’. Een echte topper. Een nachtmerrie voor de barmensen, want het is alleen verkrijgbaar in 20 liter vaatjes. Dat betekent op de top ongeveer elke vijf minuten afkoppelen en er weer een nieuw vaatje aankoppelen. In tegenstelling tot de losse 1000 liter vaten voor het bier en de vierentwintigduizend liter vrachtwagen, die de centrumbar en de bars in de Circus voeden. Die worden niet afgekoppeld. Nog sterker, daar is constant een Brand technicus paraat om de druk, de flow en de hoeveelheid in de gaten te houden. Om het technische werk van Louis en het coördinerende drankwerk van Baer, Manpreet, Tim en Tom te ondersteunen. Dat het om veel bier gaat moge duidelijk zijn. Circa zevenhonderdvijftig hectoliter. Dat is ongeveer evenveel als twee goedlopende cafés omzetten in een jaar tijd. Dat doen wij in vier dagen. Samen met negentigduizend andere festivalgangers. Daarin gaat de lofzang over de diversiteit enigszins mank.


    De grote boom als episch centrum van alle lekkere restaurantjes op het sfeervolle festival

    Foto: Joris van Gennip

  • 09-10-2013  -

    Dat is een treffend woord voor het zomerparkfeest. Nicole is net bezig aan haar afstudeerstage voor de communicatiecommissie. We waren wat aan het verbaal sparren. Ik vertellen, Nicole luisteren. Nicole vragen, ik nadenken. Ik enthousiast uitweiden, Nicole typen. Zoiets. Plots licht het woord diversiteit op. Dat is het. Ik kijk haar aan en realiseer me dat dat inderdaad het woord is waarmee je het festival met een woord kunt karakteriseren. Diversiteit in culturele uitingen. Muziek, film, dans, theater, poëzie, straattheater, wetenschap, literatuur, beeldende kunst. Dat is onderhand wel duidelijk. En dan binnen de muziek ook nog eens diversiteit. Wereldmuziek, pop, jazz, smartlappen, hiphop, rock, folk en nog veel meer. Divers dus. Maar ook in bezoekers. Jong, oud, nog ouder. Meisjes, heren, kids, dames en jongens. Arm en rijk, lang en dun, lang haar, stekeltjes en soms ook kaal, met tattoos en plakplaatjes, met korte broek, maar ook in pantalon. Kortom allerlei soorten bezoekers. Ook qua postcode. Met een uitschieter voor Horst aan de Maas. Maar ook qua podia. Artiesten kunnen eigenlijk zes keer bij ons optreden en elke keer ergens anders. Op het immens grote hoofdpodium, door Engelstaligen (minder dan 1% van onze bezoekers) ook wel “main stage” genoemd. In de grote Circustent waar het galmt en de fans helemaal uit hun dak gaan. Of ze doen een akoestische set in het museum. Dan in de Carrouseltent, ook nog steeds “De Spiegeltent” genaamd, alwaar ze in een intieme setting iedereen mee kunnen krijgen. Of op het altijd enthousiaste Vriendenpodium. Of ze doen het net als “Broken Brass Ensemble”, of eertijds ook “Dansman 3” en ze spelen gewoon op het gras op het festivalterrein. En dan hebben we het nog niet eens over het lekkere eten. Ook daarin is er een grote diversiteit op het feest.


    Zomaar een diverse foto van onze fotograaf Joris van Gennip...

  • 04-10-2013  -

    Laatst hebben we een lezing gegeven over vrijwilligerswerk bij het lustrumvierende Hospice. Matthijs Terpstra van Movisie hield een vrijwilligersverhaal vanuit landelijk perspectief. Met een hoop interessante getallen. Bijna 40% van de volwassenen doet aan vrijwilligerswerk. Friesland blijkt de meeste vrijwilligers te hebben. Dat is op provinciaal niveau. Ik denk dat Venlo hoge ogen gooit als de vrijwilligers in de steden afzonderlijk geteld zouden worden. Wij hebben zo’n duizend vrijwilligers. En dat doen niet veel organisaties ons na. En dan hebben we het nog niet over Venloop, Stereo Sunday, Mercato Mundial, Viva Classic Live, Queensday festival, Feel the 50s, Ouverture, Day in the Park, Zoks, Texfree, Lekker Venlo, Perron55 en de muziekgezelschappen, zorginstellingen en sportverenigingen. En nog veel meer. Venlo staat in de top 3 denk ik, lijkt me. Er zijn zo’n vijf miljoen geregistreerde vrijwilligers. Ongeveer vierhonderd zijn er van ons bij. Nog los van de zeshonderd vrijwilligers via verenigingen die ons helpen. Vrijwilligers doen het vooral voor hun plezier, maar ook om ervan te leren en persoonlijk te groeien. De crisis heeft weinig invloed op het aantal uren vrijwilligerswerk. De huidige vrijwilliger is divers en veelzijdig. Omdat wij vrijwilligers hebben in allerlei leeftijden, zijn we niet zo gevoelig voor de beperktere tijd in de drukke levensfasen. Dat helpt. Zoals wijzelf ook meemaken is dat de organisatie rondom het vrijwilligersschap professionaliseert. Een soort tegenstrijdigheid. Maar de ziel van het festival en onze ongelooflijke gastvrijheid naar bezoekers maakt het vrijwilligerswerk leuk. En een goede organisatie eromheen, maakt dat iedereen optimaal kan genieten en werken tegelijk. Tuurlijk hebben wij het voordeel dat het zomerparkfeest een afgebakend project is. Pieken op een of twee weken. Een soort Olympisch gevoel. In tegenstelling tot verenigingen en zorginstellingen, die het hele jaar door pieken. Dat maakt het lastiger om vrijwilligers te binden. Maar misschien kunnen we dingen van elkaar leren. Dat was de boodschap van “Expeditie Naoberschap” van het vijfjarige Hospice. Om nog verder over na te denken...


    Niet alle vrijwilligers zijn gelijk. Uit de presentatie van Matthijs Terpstra van Movisie